vrijdag 28 oktober 2016

de woning

Twee weken geleden stond er een ambulance voor een huis, een stukje verder dan mijn straat. Er woonde een oudere man wist ik, niet heel oud, een beetje oud. Ik zag hem weleens op zijn bruine bank zitten, tv kijkend. Hij leek wat op Bassie, maar dan aantrekkelijker en slanker. Uit zijn huis kwamen twee ambulancemedewerkers, een ambulancevrouw met blonde krullen, de man weet ik niet meer te beschrijven. Ze hadden een brancard bij zich met een hoopje lakens. Het hoopje was te klein om een volwassen lichaam in zich te hebben. Gelukkig, dacht ik. Nu stapte ook de bewoner in de deuropening. Hij droeg een wit overhemd en een jeans. Het overhemd stond wat strak en zijn buik bolde over zijn riem. De ambulance mevrouw gaf hem een formulier, hij keek ernaar, zei dag en zwaaide ze uit.
Een dag later stond er een lijkwagen voor de deur. De voordeur stond open. Ik vond het ongepast om door het raam naar binnen te kijken.
Nog een dag later stond er een vrachtwagen van de Kringloop geparkeerd op de stoep. Op de laadklep stonden twee bruine nieuwe kasten met een touw er omheen. De voordeur was open. Een vrouw stofzuigde de hal. Binnen stonden de verhuizers om zich heen te kijken in de half lege woning.
Een week later. De woonkamer was leeg en donker. Er stond een bezem tegen de rechter muur. Alsof hij er tegenaan leunde en een sigaretje rookte. In de achtertuin scheen een zonnig licht die de kamer niet bereikte, maar waardoor ik een tuinset zag. Twee statige tuinstoelen met de rug naar het huis toe, keken de zon in.
Vanmorgen was de woonkamer ineens verlicht, de muren kaal, in het venster een pot witte latex. De voordeur open, een krat met schoonmaakspullen op de deurmat.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten